Geschiedenis

Jan Verhagen (1896), de grondlegger van Uitgeverij Verhagen, verhuisde op zeer jonge leeftijd van Ermelo naar Alkmaar om daar aan het werk te gaan als handzetter in een drukkerij.

1922 Drukkerij Loosduinen

Tijdens de eerste wereldoorlog vervulde Jan Verhagen zijn militaire dienstplicht in Kijkduin. Na de demobilisatie probeerde hij een baan te vinden, maar dat was niet makkelijk. Hij besloot daarom in 1922 een eigen drukkerij te beginnen op een schuurzolder in Loosduinen, die tevens als slaapkamer diende. Zijn ‘machinepark’ bestond uit een tweedehands trapdegel (een drukpersje dat met de voet in beweging gezet werd) en hij werkte met tweedehands losse letters.

Hij begon met het uitgeven van de Loosduinse Courant. In die tijd was het uitgeven van een krant een zware en tijdrovende klus. Er kon, vanwege het kleine formaat van de degel, slechts één pagina per drukvorm gedrukt worden. Het papier werd eerst in tweeën gevouwen, dan werd eerst pagina twee en daarna pagina drie gedrukt. Vervolgens werd het papier teruggevouwen en werden pagina één en vier afzonderlijk gedrukt worden. Wilde Jan Verhagen vier pagina's tegelijkertijd gedrukt hebben dan moest hij uitwijken naar Den Haag. Hij deed dat met een "raam" waarin de vier pagina's met losse loden letters gekooid zaten, achterop zijn fiets vanuit Loosduinen naar Den Haag. Deze rit was niet geheel zonder gevaar, Jan is een keer door de gladheid op de weg van de weg gegleden waardoor de pagina’s in “Pastei” vielen: een hoop losse letters van allerlei corpsen door elkaar. Op de vraag: "Wat hebt u toen gedaan?" was het antwoord: "Eerst een potje grienen". Daarna is de puinhoop weer in de letterkasten ‘gedistribueerd’. De krant is die week niet verschenen.

1927 Drukkerij De Rijn

Loosduinen voldeed niet aan de verwachtingen en er werd uitgekeken naar een andere, dynamischere vestigingsplaats voor de drukkerij. Al snel kwam Rijnsburg in beeld: waar de bollen- en bloementeelt zich in opgaande lijn bevond. Er werd dan ook direct begonnen met het weekblad De Rijnsburger, later gevolgd door het Katwijks Weekblad. En ook de Oegstgeester Courant (als drukopdracht) vond onderdak bij "Drukkerij De Rijn"!

1944 Papierschaarste

Voor de tweede wereldoorlog woedde er een ongekende concurrentiestrijd tussen de drie "grote" winkeliers in Rijnsburg, te weten: Mathot, De Mooy en Wolters. Suiker was een echt vechtartikel. Per strooifolder, die allen bij Verhagen werden gedrukt, ging de suiker per halve of hele cent per kilo omlaag. De oorlog maakte een eind aan deze concurrentieslag zoals aan zoveel andere zaken. De kranten werden verboden door de Duitse bezetter. Wel is nog even getracht een regionaal weekblad genaamd ‘Rijnland West’ uit te geven, maar ook dat was geen lang leven beschoren. Omdat Verhagen zijn courantenpapier éénmaal per jaar inkocht, waren de houten bollenstellingen, boven de werkruimte, volgestouwd. Dat was een uitkomst toen tegen het einde van de oorlog de papierschaarste voelbaar werd. De gehele oorlog door kon Verhagen allerlei soorten drukwerk leveren, al was het gedrukt op courantenpapier (55 grs/m2), wat zwaarder is dan het gebruikelijke 48,8 of 45 grs/m2 papier van tegenwoordig. De papierschaarste maakte heel eigenaardige drukwerkjes noodzakelijk. Zo werden er bijvoorbeeld sigarettenverpakkingen gedrukt en geplakt. Ook hadden kappers, die vooral sigaren verkochten, hun eigen sigarenzakjes. Elektriciteit was er op de duur niet meer en er werd weer ouderwets met de voet en met de hand gewerkt. Stilstaan deed Verhagen niet in de oorlog, en dat in tegenstelling tot veel andere drukkerijen.

Lees verder

foto: